CBS-gegevens vertellen een verhaal over veranderingen in de stedelijke en landelijke omgeving.

We noemen een stad een stad omdat het anders is dan wat er omheen ligt, namelijk “het platteland” (ook wel "de landelijke omgeving" genoemd).
Het onderscheid tussen stad en platteland bestaat al heel lang. De Griekse filosoof Plato (ca. 400 v. Chr.) sprak al over de “vurige samenleving van de stad” en de “simpele samenleving van het boerendorp”. Sinds die tijd is er natuurlijk veel veranderd. Boerendorpen zijn uitgegroeid tot steden en steden zijn verder gegroeid, soms zo sterk dat er geen platteland meer over is.
In deze module onderzoeken we de grootste stad van Nederland (Amsterdam) en een landelijk gebied daar niet ver vandaan (de Beemster).
Daarbij kijken we naar het heden (nu), het verleden (toen) en de toekomst (straks).
Kerndoelen
36. De leerling leert betekenisvolle vragen te stellen over maatschappelijke kwesties en verschijnselen, daarover een beargumenteerd standpunt in te nemen en te verdedigen, en daarbij respectvol met kritiek om te gaan.
38. De leerling leert een eigentijds beeld van de eigen omgeving, Nederland, Europa en de wereld te gebruiken om verschijnselen en ontwikkelingen in hun omgeving te plaatsen.
40. De leerling leert historische bronnen te gebruiken om zich een beeld van een tijdvak te vormen of antwoorden te vinden op vragen, en hij leert daarbij ook de eigen cultuurhistorische omgeving te betrekken.
De lesmodule is geschikt als aanvulling op en vervanging van delen van de lesstof voor het tweede leerjaar, bijv. bij de onderwerpen Nederland verandert, Steden, Nederlands landschap en Eigen omgeving.
Open het lesplan in EduGIS.
Download het lesplan als PDF.